Wanneer belonen niet werkt
In de kartonnen doos, onder de havermout verpakking, moffel ik de productie van deze week weg. Hij mag natuurlijk niet zien dat ik zijn creaties naar de papierbak, in codetaal ookwel “archief P.”, breng. Het is weer een hele stapel deze week. De gekste tekeningen haal ik eruit en hang ik naast de eettafel of ik bewaar ze in een mooie map.
Wanneer een vriend van ons komt eten, valt zijn blik op de tekeningen aan de muur: ‘Wow! Hoe verzint hij het?’ Ik vertel over zijn productie en de papierbak verderop. ‘Nou ja zeg! Dat kun je niet maken!’ zegt hij tegen mij en vervolgens tegen hem: ‘Quinten, ik wil een tekening van je kopen.’
Quintens ogen stralen en hij neemt direct plaats aan zijn bureautje. ‘Ik wil een nog gekkere dan die daar’, roept Roemer richting het bureautje. Nog geen half uur later is de tekening af. Twee vreemde portretten met grote uitpuilende ogen.
Twee vreemde portretten, Quinten
Roemer is zeer tevreden over het resultaat en overhandigt tien euro. Quinten heeft nog nooit een briefje van tien in zijn handen gehad. Zijn ogen veranderen in die van zijn zojuist opgeleverde portret.
Vanaf die dag tekent Quinten niet meer. Natuurlijk nog wel eens op school als opdracht, maar thuis niet meer. Mijn man en ik, we hebben elkaar ontmoet bij Design for Interaction aan de TU Delft, vinden dat maar wat jammer.
Het duurde een tijd voor ik mij realiseerde wat mijn vriend Roemer impliciet (en onbedoeld) gezegd had tegen mijn zoon: Je moet iets krijgen voor jouw tekeningen. Wat Quinten vervolgens had vertaald naar: tekenen is niet leuk (genoeg), daar moet je iets voor krijgen.
Precies wat Deci en Ryan zagen in hun onderzoek (ze lieten twee groepen puzzelen, de ene groep betaald, de andere onbetaald. Drie keer raden wie er in de pauze vrijwillig bleven puzzelen...) gebeurde hier ook: beloning ondermijnt intrinsieke motivatie. Belonen werkt niet als diegene het zelf al graag doet.